De laatste keer

 

Vanmiddag was het zover, mijn laatste trainingsbijeenkomst na vijf jaar therapie. Ik ben weer een vrije vrouw, zo voelt het althans. Alle mensen die ik door deze jaren heen heb ontmoet, mee heb samengeleefd, mensen die me vaardigheden aanreikten, me door een crisis trokken. Mensen, of therapeuten in dit geval, die me jarenlang volgden en ik volgde hen. De relaties blijven ongelijkwaardig maar je leert ze toch kennen en missen doe je ze wel als je ze zolang kent.

Maar er waren ook mensen die het niet redden, daarvan heb ik er teveel gezien. Zelfmoord, de grote boosdoener, het lijkt eerder normaal dat een uitzondering.

 

En mijn eigen goede en slechte tijden. Tijdens opnames waar ik geen woorden meer kon uitspreken, alleen maar bang en klein was en opging in mijn vervreemde gedachten. Wekenlang zat ik dan op mijn kamertje waar ik alleen uitkwam als mijn ouders of iemand anders mij bezocht. Tjee wat was ik er toen slecht aan toe.

 

Daarna nog een periode begeleidt wonen. Waarbij ik een psychose kreeg door één van de bewoners en weer voor een paar maanden moest worden opgenomen. Daarna de deeltijd om te leren omgaan met mijn handicap. Veel geleerd maar ik bleef een basis missen. De enige bij wie ik dat had ervaren dat was Inge, mijn ex-vrouw. Ik wilde dat zelf ook kunnen maar dacht dat dit bij een mooie droom zou blijven. Maar toch. Na de deeltijd ging ik over naar de DGT training en kwam ik met mezelf in een stroomversnelling. Ik leerde vertouwen in anderen en mezelf te hebben en voelde zelfs hoe ik langzaam fundamenten aan het leggen was voor een eigen basis waar ik op terug zou kunnen vallen als dat nodig mocht zijn. Nooit verwacht en toch gekregen. Een mooi cadeau. En nu is de tijd gekomen om mijn cadeau met champagne te bekogelen, het te water laten gaan en zien of het me ook daadwerkelijk laat drijven.

 

Een nieuwe periode breekt nu aan. De bladzijden zijn nog leeg maar dat zal niet lang meer duren.

 

18 July 2011
By on 17:45
Ben

 

 

Ben, the two of us need look no more
We both found what we were looking for
With a friend to call my own
I'll never be alone
And you, my friend, will see
You've got a friend in me
(you've got a friend in me)

Ben, you're always running here and there
You feel you're not wanted anywhere
If you ever look behind
And don't like what you find
There's one thing you should know
You've got a place to go
(you've got a place to go)

I used to say "I" and "me"
Now it's "us", now it's "we"
I used to say "I" and "me"
Now it's "us", now it's "we"
Ben, most people would turn you away
I don't listen to a word they say
They don't see you as I do
I wish they would try to
I'm sure they'd think again
If they had a friend like Ben
(a friend) Like Ben
(like Ben) Like Ben

16 July 2011
By on 15:28
Familiedag 2011

 

Om drie uur bij paviljoen Flamingo in Den Haag zijn. Dat werd iets later. Niet wetend waar het precies lag en de vele auto’s die al waren geparkeerd betekenden voor enkelen van ons een lange wandeling naar een stranduitgang die niet op de routebeschrijving stond. Zo begon ik bij vier, liep terug naar drie en belde mijn vader om er achter te komen dat het nummer één moest zijn.

Na een uur door de duinen gelopen te hebben met de zon op mijn lichaam en een aangenaam briesje kwam ik, totaal uitgerust op de plaats van bestemming.

 

De ontspannen en vrolijke sfeer die ik aantrof waren in de loop der jaren niet veranderd. Heerlijk om daar weer een onderdeel van te zijn. Het was drie jaar geleden dat ik iedereen had gezien. De kleintjes van toen liepen nu of speelden zelfs mee met beach-volleybal en niet zonder succes!

 

Er was echter één ding totaal niet veranderd. De winnaarmentaliteit van de familie Zwierenberg. Het beach-volleybal was dan ook vanaf de eerste wedstrijd tot de laatste vol van onhaalbare ballen toch haalbaar maken en mocht men achter staan in punten dan schuwde men het niet om in vals spel het puntenaantal op te schroeven. Hierbij wil ik nog even apart noemen dat de oudsten onder ons niet onderdeden qua fanatisme en elasticiteit van het lichaam voor de jongeren. Ik durf te wedden dat deze drie oudsten nu nog met hevige spierpijn de dag moeten doorkomen, maar ze stonden er, zoals een echte Zwierenberg betaamd.

 

De scheidsrechters waren ook afkomstig uit de familie Zwierenberg en net als de spelers even fanatiek om het spel goed te laten verlopen met in het achterhoofd: “ als er maar een Zwierenberg wint”. Dit achterhoofdgevoel werd bij elke wedstrijd in waarheid omgezet aangezien er zich in elk team wel een Zwierenberg bevond!

 

En dan de finale. Ik bood me vrijwillig aan als scheidsrechter maar omdat ik al drie jaar niet geweest was, was ik ook even vergeten hoe ernstig deze fanatiekelingen het spel kunnen saboteren en bij elke slag die mis gaat in discussie gaan met de scheids ( een van de aangetrouwde Zwierenbergs was hier een specialist in). Zo eerlijk mogelijk probeerde ik deze ongeleide projectielen na elke slag weer met het spel door te laten gaan. Enorme 'scheldkarbonades' en een gat ter grote van drie volleyballen in het net, waardoor men dacht punten te kunnen scoren gaf deze wedstrijd een extra dimensie. Uiteindelijk werd er gewonnen, door een Zwierenberg natuurlijk ( met aanhang, laat ik die vooral niet vergeten, en die bleken allen een zelfde mentaliteit te hebben… Hoe zit dat toch..)

 

Aangezien ik het grootste gedeelte van mijn tijd aan het volleybalveld stond heb ik niet veel meegekregen van de oma’s en tantes die druk aan het spelen waren met de kleine kinderen. Eenmaal aan de eettafel ving ik hier nog een glimp van op. Volgens mij hebben de oma’s en tantes hier enorm van genoten en ik ook. Toen ik eenmaal aan de eettafel zat vond ik het heerlijk om naar die kleintjes te kijken, ze te zien spelen met hun nieuw aangeleerde motorieke vaardigheden.

 

Ik ben rond zes uur vertrokken, geen idee wat er na mijn afscheid nog allemaal is voorgevallen maar voor mij was het al een perfecte dag waar ik met een glimlach op mijn gezicht op terugkijk. Een dag om op te tekenen in mijn dagboek en te bewaren in mijn herinneringen. En natuurlijk mijn complimenten aan mijn broer, die ondanks de onduidelijke route beschrijving voor een leuke dag heeft gezorgd voor iedereen die er bij was.

Volgend jaar weer! Ik hoop nu al dat ik erbij zal zijn.

 

 

29 June 2011
By on 09:57
Woorden

Ik wist het, ze hadden het vanaf het allereerste begin tegen me gezegd en daarna herhaald en herhaald om het er in te stampen. Ik wist het, ik was erbij, ik had naar de woorden geluisterd Woorden die op een onzichtbare plek in mijn hersenen verborgen werden. Woorden: “Je kunt er wel mee leren omgaan maar genezen doe je niet.”

 

Ik bekeek mezelf van binnen, van buiten en nogmaals van binnen. Zei tegen mezelf dat lijden het gevecht is tegen de pijn die ik in me draag, dat lijden voortkomt uit het gevecht om de pijn te willen ontkennen, te vermorzelen, te vernietigen.

Acceptatie van mijn pijn bleek de enige manier te zijn om het lijden te verzachten, te kunnen verdragen.

 

Ik leerde accepteren. De wereld is zoals ze is, mijn handicap is zoals ze er is. Mijn omgeving is zoals die is. Ik moest accepteren en inzien dat acceptatie nog niet maakt dat je het goedkeurt, maar je moet het doen met de kaarten die je hebt, of ze nou eerlijk geschud zijn of niet.

 

Ik leerde, oefende, probeerde uit en elke keer als ik bemerkte dat iets mijn pijn verzachtte ik verliefd werd op die woorden of de oefening die dat hadden veroorzaakt. Maar verliefd zijn houdt geen stand, als je het nieuwtje je eigen maakt, komt vanzelf je handicap weer om de hoek zetten die je dan weer even met beide voeten op de grond zet en je duidelijk maakt dat je dan misschien wel minder lijdt maar dat je niet mag verwachten dat je handicap nu weg is. Net zoals een blinde die leert omgaan met zijn handicap, maar nooit de beloning zal krijgen dat hij ineens weer zien zal.

 

Drie jaar heb ik toegewerkt naar hoe ik er nu voorsta. Weten wat ik moet doen als mijn handicap opspeelt, weten hoe ik lijden om kan zetten in acceptatie. Weten hoe ik niet langer mijn eigen criticaster moet zijn die me vertelt dat ik me aanstel, maar juist één die me vertelt dat het ook niet gemakkelijk is om zo te leven en dat als de lat lager ligt, ik evenveel waard ben als met een hoge lat.

 

En dan valt mijn vangnet weg. Ik moet het ineens weer alleen doen en ik blijk die eerste woorden vergeten te hebben. Woorden die ik wilde verscheuren, woorden die ik uit wilde kotsen, woorden die mij belemmerden om mijn dromen op te pakken. Woorden die de waarheid spreken.. “Je kunt er wel mee leren omgaan maar genezen doe je niet.”

11 June 2011
By on 12:22
Nieuw serie

Aardlagen 002

 

Aardlagen 003

 

 

Aardlagen 007

7 April 2011
By on 10:47
Bij de parodontoog

Kom op klok, loop wat harder, ik wil hier weg. Gatver, ik voel me zenuwachtig, ik wil hier echt weg en er zitten nog zeker vijf mensen in de wachtkamer die voor mij binnen kwamen. Als de artsen maar niet uitlopen.

Steun hartpatiënten en sponsor de schaatsmarathon in Oostenrijk. Wat moet een dergelijke poster nou in een praktijk voor parodontologie, vast een arts die van schaatsen houdt.

“Dag mevrouw u wilt een afspraak maken? Ja, dat kan. Is drie januari een optie voor u? En op welk telefoonnummer kunnen wij u bereiken? Nul, zes, drie, drie, negen, vijf, acht, tien, twee. Ik heb het genoteerd. Tot ziens mevrouw.” Wonderlijk eigenlijk. We doen zo moeilijk over onze privacy maar geven deze zo uit handen als officiële instantie er naar vragen en ook al kunnen allerlei andere mensen mee luisteren, we geven het en elke engerd kan je vervolgens bellen. Zou dat vaak gebeuren?

Oke klok, de juiste tijd, vanaf nu kan ik geroepen worden, laat me niet te lang wachten. Ik hoop dat een verdoving echt niet nodig zal zijn, wist ik het maar zeker, bah, dat gewacht. Straks moet ik een prik krijgen aan de binnenkant van mijn verhemelte, die doen echt pijn en dan lig ik daar met tranen in je ogen op die stoel alsof je kleinzerig bent voor zo’n prikje. Snel, Snel, roep me! Gedachten, weg uit mijn hoofd! Niet aan denken nu. Rustig worden, zal ik koffie nemen? Vreemd eigenlijk dat ze hier koffie schenken voordat je naar de arts gaat. Je zou toch zeggen dat ze zo’n schoon mogelijk gebit willen onderzoeken en ze raden ook nog eens af om koffie te drinken. Zou ik nog een sigaretje doen? Even in de buitendeur gaan staan? Even rustig worden?

“ De heer Dijkstra kan verder komen naar kamer twee.” Shit, oké, oké ik moet , ik ga. Zo, wat is hij nog jong. “Hallo, Dijkstra” “ Een goedemiddag meneer, mijn naam is Arthur Best, neemt u plaats in de stoel. Ik ga u zo even verdoven en dan laat ik u even alleen tot de verdoving werkt, is dat oké voor u?  Als u me maar geen pijn doet dokter. Ja, dat kan ik wel denken, maar ik durf het niet te zeggen. Liep die klok maar een kwartier later.

6 December 2010
By on 09:47
Er was eens een oude man.

Hoelang is het nou geleden dat ik met de trein ben weg geweest, ongeveer vijf jaar geleden? Van die stomme ticketautomaten was toen nog geen sprake en nu is het de gewoonste zaak. Ik heb het nog nooit gedaan, bah, ik vind het vervelend, straks komt er een totaal ander ticket uit dan ik moet hebben. En dan, wat moet ik dan doen? Waar zijn de loketten? Zal ik daar maar heen lopen, het is een stuk gemakkelijker en scheelt me weer een zenuwinzinking. Maar wat zullen de mensen dan niet van mij denken, ze zullen me uitlachen. “ kijk weer zo’n oude analfabeet.” Nee, dat noemen ze anders, hoe was het ook al weer, o ja, een digibeet. Waarom heb ik niet naar mijn zoon geluisterd, verdomme hij heeft zo vaak geprobeerd mij over te halen om wat met computers te doen en dat andere, hoe was het ook al weer, iets over internet, ja e-mailen. Als ik naar hem geluisterd had, zou ik nu die automaten begrijpen. Zal ik wachten totdat er niemand meer staat? Maar wat als mijn trein dan vertrekt? Pff, dan toch maar naar het loket. Gotver, stomme NS, ze laten je bewust voelen dat je er niet meer bij hoort. Wel, ik weiger, ik hoor erbij. Ik zal laten zien dat deze oude man wel degelijk met dat stomme apparaat overweg kan.

Eens even kijken, waar zijn de knopjes. Geen knopjes. Het scherm, ja het scherm gebruiken, dat heb ik mijn zoon ook zien doen op zijn mobiel. Oké, daar gaat die, hm, Eindhoven, ja gedrukt! Nu, tweede klas, mooi! Korting? Wat moet ik invullen, krijg ik korting omdat ik vijfenzestig plus ben? Verdomme, dan maar geen korting. Oké en nu, ah betalen. Pincode invoeren hm dat kan niet op het scherm, even kijken. Ah hier een apart schermpje. Gedaan en nu. Ja daar komt mijn ticket! Ha, vijf jaar verder maar nog steeds van deze tijd!

19 November 2010
By on 14:49
Persbericht expositie Fride Zwierenberg De stenenhut in Vught.

De stenenhut exposeert van donderdag 13 januari tot dinsdag 15 februari 2010 een breed overzicht aan schilderijen van Fride Zwierenberg. De opening vindt plaats op donderdag 13 januari vanaf 15:00 uur.

Voor Fride Zwierenberg (Zutphen – 1969) – die schildert, en schrijft– vormen de emotie en de ratio van de mens in zijn uiterste vorm, zonder intuïtie een onuitputtelijke bron van inspiratie. In alles komt volgens haar het kijken vanuit emotie en/of ratio terug. In dit verband gaat haar werk over de worsteling van ieder mens om moeilijke situaties te boven te komen. Maar ook de mens zelf is een thema dat terug komt en te zien is in diverse portretten. Terugkomende elementen in haar schilderijen zijn o.a. veel gebruik van perspectief, van strakke schematische schilderijen tot symbolische Esscher-achtige tekeningen, van een paar simpele vormen tot in detail uitgewerkte stukken.
 
De schilderijen van Fride Zwierenberg zijn doorspekt met persoonlijke en universele symbolen. In de regel zijn haar kunstwerken helder van kleur, toch hebben ze vaak een meer verscholen, soms zelfs een 'donkerder' betekenis. Want wat je het eerste ziet is zeker niet altijd wat er door de kunstenaar zelf bedoeld is. Dubbele bodems in haar werk zijn zeker geen uitzondering. Tijdens de expositie is haar vroegere werk samengevoegd met haar huidige werken waardoor een lijn van ontwikkeling zichtbaar wordt.

Fride Zwierenberg begon op jonge leeftijd met tekenen en is daar nooit meer mee gestopt. Behalve een korte periode waarin ze les kreeg, is haar werk autodidact en heeft ze een eigen stijl ontwikkeld die breed is in gebruik van materiaal en vorm.

 

 

17 November 2010
By on 14:14
autumm leaves – eva cassidy

The falling leaves drift by my window
The falling leaves of red and gold
I see your lips, the summer kisses
The sunburned hands I used to hold

Since you went away the days grow long
And soon I'll hear old winter's song
But I miss you most of all, my darling
When autumn leaves start to fall

(Instrumental for 1 minute)

Since you went away the days grow long
And soon I'll hear old winter's song
But I miss you most of all, my darling
When autumn leaves start to fall

I miss you most of all, my darling
When autumn leaves start to fall

22 October 2010
By on 12:05
Schilderij

Schilderij 001

3 October 2010
By on 14:58